18 juli 2025
De afgelopen dagen klonken onze verhalen wellicht erg mooi en idyllisch. Nou, om niet al te ongeloofwaardig over te komen, brengen we daar nu verandering in... Afgelopen nacht was er een vol ergernissen, tenminste, eigenlijk maar één heel grote. En dat is dat het pas dik na enen een beetje rustig werd. Tot die tijd dreunden we mee op de basgeluiden van een feestje in een bar even verderop. Het meest irritante was nog dat de nummers zelden herkenbaar waren. Het leverde heel wat gedraai en gemopper op voor we eindelijk in slaap vielen.
Volgende puntje van niet juichen is het hotel waar we voor de komende nacht zijn aanbeland. Nu moet ik bekennen dat ik dit schrijf, terwijl we net zijn aangekomen. Mijn lijf voelt nog weeïg van vermoeidheid door de korte nacht en de overtocht. Er bleek namelijk maar weer eens dat ik geen zeebenen heb. Maar, waarom dan precies geen trompetgeschal? Nou, laten we zeggen dat we waarschijnlijk even moeten wennen aan de charme van vergane glorie van Hotel Sandvik op Pensar. Als we straks een beetje zijn bijgekomen, is het feit dat de ramen niet open kunnen op de snikhete kamer (inmiddels verholpen, een beetje brute kracht schijnt
te helpen), dat er dikke vliegen gevangen zitten voor die dichte ramen (inmiddels dus naar buiten gebonjourd) en dat we om te douchen zo'n 300 meter verderop moeten zijn in openbare doucheruimtes, vast geen belemmering meer om te genieten van deze prachtige locatie. Want, jongens, dat uitzicht! Maar goed dat is waar we nu zijn. Hoe zijn we hier geraakt. Dat verhaal maakt namelijk ook direct een eind aan dit gemopper. Het was namelijk gewoon ook een heel fijne vakantiedag met, ja, toch echt, heel veel idyllische plaatjes!
![]() |
| dag Eva |
te helpen), dat er dikke vliegen gevangen zitten voor die dichte ramen (inmiddels dus naar buiten gebonjourd) en dat we om te douchen zo'n 300 meter verderop moeten zijn in openbare doucheruimtes, vast geen belemmering meer om te genieten van deze prachtige locatie. Want, jongens, dat uitzicht! Maar goed dat is waar we nu zijn. Hoe zijn we hier geraakt. Dat verhaal maakt namelijk ook direct een eind aan dit gemopper. Het was namelijk gewoon ook een heel fijne vakantiedag met, ja, toch echt, heel veel idyllische plaatjes!
Het is bijna jammer dat we de fijne plek van afgelopen nacht, ondanks de herrie van verderop, moeten verlaten. De kamer is comfortabel en de verzorging is top. Bovendien is Eva hartelijk en warm. Maar goed, we gaan door. We hebben zo'n 20 kilometer voor de boeg en een overtocht met een veerboot. Omdat we graag nog een koffiebreak willen maken bij Sattmark, ongeveer halverwege, vertrekken we direct na het, erg lekkere, ontbijt. We klimmen, nou ja, lopen omhoog, Pargas uit. Op de een of andere manier missen we een uitzichtpunt over een steengroeve. Dit merken we pas later en in teruglopen hebben we dan niet zoveel zin meer. Na Pargas komen we op een fietspad naast een doorgaande autoweg te lopen. Een viaduct onder de weg door brengt ons af en toe naar de andere kant om dan via een ander tunneltje weer terug te stappen.
Linksaf geslagen staan er opeens enorme...tja, wat zijn het, lagers en assen, volgens René, voor ons. Geen informatiebord te bekennen en ook internet geeft geen uitsluitsel over wat dit moet voorstellen. We houden de pas erin. Het fietspad golft langs de weg op en neer. Af en toe hebben we een weids uitzicht over velden vol graan met her en der weer zo'n gezellig gekleurd, houten huis. Bovenop een van de heuveltjes zien we een gezellig zitje dat koffie met lekkers aanbiedt. Wij gaan door. Sattmark is het doel.
Dat is gelegen aan de overkant van een brug over weer een zeearm. Bovenop is het, wel tegen de reling gedrukt, want de auto's razen voorbij, genieten van het uitzicht. Sattmark Café is fotogeniek. Wat een leuke plek! In het sfeervolle huisje halen we koffie met lekkers. Tijd zat om de boot te halen. Denken we. Want opeens denken we te lezen dat de boot om 13.30 uur in plaats van 14.00 uur gaat. Gloeiende kooltjes, moeten we toch nog even fiks doorstappen. Dus huppakee, weer aan de wandel. Goed opletten, want verkeerd lopen schijnt hier regelmatig te gebeuren. René heeft gelukkig postduifgaven, dus hij leidt ons naar de juiste route. Al nalezend in onze gegevens merkt hij op dat onze boot toch gewoon om 14.00 uur afvaart. Ach, de pas zit er nu al goed in, dus we stappen gewoon lekker door. Die Olav heeft trouwens een mooie route gekozen op weg naar Nidaros, het huidige Trondheim. De omgeving is prachtig. Voor de derde dag op rij spotten we hertjes. Het grote verschil zal zijn dat Olav zich door wildernis een weg heeft moeten banen, terwijl wij constant over asfalt wandelen. Het maakt het voor ons een stuk makkelijker, maar minder avontuurlijk is het wel. Gelukkig zijn de bermen prachtig. Allerlei soorten bloemen in net zoveel kleuren maken samen met dat fraaie uitzicht dat dit lange stuk naar de veerboot geen moment verveelt.
Een uur te vroeg, tja, dat krijg je met dat doorstappen, bereiken we de veerboot. Op de steiger met uitzicht op de vele eilandjes eten we de vanochtend meegekregen lunch. Precies om 14.00 uur vertrekt de gele ferry. Als ik een blik achteruit had geworpen had ik mijn Dopper nog op de steiger kunnen zien staan. Later kwam ik er namelijk achter dat ik 'm daar ben vergeten. Al varend krijgen we pas echt het gevoel dat we middenin de Archipelago zitten. Waar we ook kijken zijn eilandjes, sommige bewoond, maar andere met prachtige huizen, vaak met steiger en boot voor de deur. De zon brandt. Nergens op de boot is schaduw te vinden. Mijn toch al niet zeewaardige lijf vindt dat niet heel fijn. Een beetje weeïg stap ik 50 minuten later op Pensar van de boot.
Wat een ander gevoel geeft dit eiland. Je voelt de rust gewoon. In eerste instantie lopen we nog door, relatief dan, bebouwd gebied. Graanvelden bieden een mooie voorgrond voor de rood geschilderde, houten huizen. Na de kern, want centrum is een te groot woord, mogen wij nog een kilometer of twee over gravelpaden door een bos. Weer bij water aangekomen staan wat houten gebouwtjes. Rechtsaf ligt Hotel Sandvik. De buitenkant heeft flink te lijden gehad van de zeewind. Binnen is het alsof we in een oude aflevering van een Engelse serie terecht zijn gekomen.
Inmiddels zijn we "geland". De ligging van het hotel is echt geweldig. Het avondeten genieten we met een superuitzicht. Niet alleen dat is noemenswaardig, ook wat we op ons bord hebben. Jongens, wat heeft de kok er iets moois en lekkers van gemaakt. Het enige minpuntje blijft dat we om te douchen en waarschijnlijk tanden poetsen en dergelijke zo'n 300 meter verderop moeten naar een soort openbare douche aan het strand. Ze kunnen er natuurlijk niets aan doen dat er watertekort is, maar een kan of fles water op de kamer had fijn geweest. Wel mogen we onze Doppers, voor mij dus één minder, met water vullen.
Morgen worden we wakker met een geweldig uitzicht!














Geen opmerkingen:
Een reactie posten