Het is verbazingwekkend hoe goed onze lijven voelen na de dikke dertiger van gisteren. Eigenlijk hebben we geen centje pijn. We staan zelfs fris en fruitig op. Daar heeft de goede nachtrust in de stille B&B De Zwaantjes ongetwijfeld aan bijgedragen. Het Paasontbijt, oh ja, het is eerste Paasdag, zorgt voor voldoende energie voor weer een stapdag. Omdat vannacht de klok een uur vooruit is gegaan in verband met de zomertijd ontbijten we vrij laat, pas om 9.00 uur. Zo'n anderhalf uur later trekken we het hek van de B&B weer achter ons dicht. Een prima adres om als uitvalsbasis te dienen voor het Pelgrimspad! We hebben een beetje bijzondere dag voor de boeg, het is ons laatste stuk Pelgrimspad.
Ruimschoots op tijd parkeren we de auto bij het terrein van de IJzeren Man in Weert. Bus 11 rijdt op schema. Dat houdt in dat we even voor 12.00 uur op het station van Maarheeze onze schoenen veteren. Een ding weten we zeker, we volgen niet de route van gisteren om weer op het Pelgrimspad te komen. Dat was echt mijl op zeven. In plaats daarvan vinden we een kortere en best leuke weg.
Vanaf het punt dat we de etappe weer hebben opgepikt, wandelen we over bospaden om te beginnen in het Weerterbos. Het is iets kouder dan gisteren, maar toch verdwijnen ook vandaag de jassen weer snel in de rugtassen. Al kletsend lopen we zo'n beetje op de grens tussen Noord-Brabant en Limburg. Op een bankje zitten de 4 mede-Pelgrimpadstappers die we gisteren ook tegenkwamen. Al groetend passeren we hen. Onze route lopen we grotendeels op de GPS, geholpen door de wit-rode markeringen. Het boekje lezen we ter informatie, soms vooraf, soms achteraf. Ook voor het stuk van vandaag heb ik bekeken wat we zoal tegenkomen. Interessant lijkt het monument van een grenskerk. Halverwege de 17e eeuw was het katholieke geloof volledig in de ban in Noord-Brabant. Mensen die toch ter kerk wilden gaan, moesten uitwijken naar schuilkerken. Hier op de grens met Limburg staat een monument ter herinnering aan een grenskerk. Best interessant voor een stop, denk ik tijdens het lezen. Maar ja, al pratend lopen we het gedenkteken straal voorbij. Pas op de hoek van het pad zien we een richtingsbord ons terugverwijzen. Nou, dat is toch iets te gek. Helaas dus maar.
Meer bomen volgen. De overstroomde paden van gisteren blijven grotendeels achterwege. Heel soms moeten we een klein ommetje maken of baggeren we ons een weg door de ondiepe plassen. Het is allemaal goed te doen. Bij een open plek in het bos doemt een soort van kinderboerderij op. Achter een omheining delen mini-kangaroos, we vermoeden dat het wallabies zijn, een veld met kraanvogels en ooievaars. Het hoort bij Fiets- en Wandelcafé Peerkesbosch. Op de site van Wandelnet staat een recensie dat dit een stop meer dan waard is. Bovendien komen er wat druppels uit de donkere wolken, dus dit is een mooi moment voor een verlate lunch.
We zijn nu bijna op de helft. Over een viaduct kruisen we de A2. Vanaf boven zien we afslag Weert-Noord liggen. Leuk, want elke keer als we nu zuidwaarts rijden en dit punt passeren, denken we even aan deze wandeldag. De bossen maken plaats voor een zand-heidegebied. Het is een fijne afwisseling. Aan onze linkerhand zien we de bungalows van vakantiepark Weerterbergen liggen. Beiden zijn we hier lang geleden eens geweest. Aan de huisjes te zien hebben deze, in ieder geval aan de buitenkant, sindsdien geen upgrade gehad.
En dan zit het laatste stukje natuur van het Pelgrimspad er voor ons op. Via een parkeerplaats komen we in een ongezellig industriegebied. Een rechte weg voert ons naar de Zuid-Willemsvaart. In de verte zien we ons eindpunt voor vandaag en voor ons van het hele Pelgrimspad al liggen. We hebben het ook wel een beetje gehad. De 31 kilometers van gisteren hebben er toch wel ingehakt. Onze voeten voelen moe. Nog even schieten we wat foto's bij Sluis 16. Aan de overkant bij de ingang van de parkeerplaats van de IJzeren Man tringelen de GPS'en voor de laatste keer voor dit pad. Het zit erop. Inclusief alle ommetjes, aan- en uitlopen en verkeerd lopen zijn we in 570 kilometer van Amsterdam naar Visé gestapt. Terugkijken doen we in een aparte blog. Het was in ieder geval weer een mooie wandelervaring.
Gelukkig vallen we niet in een wandelgat. We hebben nog genoeg lopende projecten.
Start: auto in 2 uur naar P+R Maarheeze, trein naar Heeze in 6 minuten
Etappe 5 boekje 2 Pelgrimspad: 26,7 kilometer Gestapte kilometers (inclusief uitlooproute naar Maarheeze station): 31
Ons laatste weekend op het
Pelgrimspad start vroeg. Het wordt namelijk een lange etappe vandaag. Het stuk tussen
Heeze en Maarheeze telt 26,7 kilometers. En dan zijn we er nog niet, want dan
moeten er nog 2 kilometer worden afgelegd naar de P+R bij het station van
Maarheeze waar we de auto achterlaten. Dus, om 7.30 uur rijden we richting het
zuiden. Ongeveer tweeëneenhalf uur later, om 9.56 uur, zitten we in de trein naar
Heeze. Het is maar een ritje van 6 minuten. Je zou ons bijna voor gek verklaren
als je bedenkt dat het stuk terug naar de auto bijna 30 kilometer bedraagt.
Het station van Heeze herkennen we
nog van onze wandeling van 3 maart toen we hier eindigden. Toen stonden de
bloesembomen nog niet zo mooi in bloei. Het biedt een mooie achtergrond voor
onze startselfie. De eerste kilometers lopen door het plaatsje. Omdat we weten
dat we tijdens het stuk van vandaag geen horeca tegenkomen, besluiten we, ook
al zijn we maar net aan de wandel, bij De Zwaan in Heeze ons startbakkie te
scoren. Het is een prima plek! Niet alleen hebben ze havermelk voor in de
cappuccino, geen must, wel een pré, maar ook staat er appel-kaneel-meringue op
de kaart. Wij, en dan vooral ik, zijn blij.
Maar dan moeten we toch echt op
pad. Er wachten nog heel wat kilometers. Aan de westkant verlaten we het
plaatsje. Kasteel Heeze wordt gepasseerd. De weerspiegeling in het water zorgt
voor een mooi plaatje. Die spiegelingen in water zullen we vandaag vaker zien.
Dan niet in de Sterkselsche Aa waaraan het kasteel ligt, maar gewoon in het
water op de ondergelopen paden.
Tot een kilometer of 14 lopen we
over de Strabrechtse Heide. Het is een prachtgebied. Uitgestrekte heidevelden
zo ver het oog kan zien. Met uitzondering van wat andere (Pelgrimspad?)wandelaars
en fietsers is het rustig. Met uitzondering van onze ademhaling, het geschuur
van onze kleding, zijn het alleen vogels die we horen zingen. Stiekem denken we
dat de paden best goed begaanbaar zijn. Ja, dat is jinxen natuurlijk. In eerste
instantie komen we wat plassen tegen die het pad volledig bedenken. Via een
omweggetje over de heide houden we (redelijk) droge voeten. Dan wordt de
uitdaging wat spannender. De omweggetjes zijn ook volledig ondergelopen. Dat
wordt plonzen. Splashend springen we van pol naar pol. Ik ben gelukkig en houd
droge voeten, maar René loopt te soppen in zijn schoenen. Een toegangshek van
het ene naar het andere heidegebied biedt een nieuwe uitdaging. Balancerend
staan we op een tak voor het hek, maar dat gaat nou net naar ons toe open. Capriolen
uithalend lukt het om zonder nat pak aan de andere kant te geraken. Een
vlonderpad biedt even afleiding. Dit is altijd leuk en bovendien houden we
droge voeten. Vlak hierna wordt onze balans weer op de proef gesteld. Een
volledig ondergelopen pad wordt rechts begrensd door schrikdraad. Links staat
een hek. Zonder stroom gelukkig. Wel ligt juist aan die kant een diepe plas. Gelukkig
waren mensen voor ons zo creatief verschillende boomstammen langs het hek in
het water te gooien. Voetje voor voetje, ons vasthoudend aan het hek, schuiven
we over de boomstammen richting droog pad. Het klinkt allemaal als gedoe, dat
is het ook, maar eigenlijk is het ook gewoon een leuk avontuur. Helemaal omdat
we op de natte sokken van René na droog blijven.
Het is overigens een prachtgebied.
Verschillende keren passeren we een ven. Heidevelden en bosrijke paden wisselen
elkaar af. Bij kilometer 15 vinden we een picknickbank om ons van huis
meegebrachte bammetjes soldaat te maken. We zijn op de helft. Zouden we de nattigheid
achter de rug hebben? Grotendeels is dat inderdaad het geval, op wat ommetjes
door het bos na. Een keer verlaten we het bospad en kiezen het naastgelegen
fietspad. Je weet dat de kans op droge voeten klein is, als er eenden op het
pad zwemmen, toch? Maar we zijn sowieso nog niet van de avonturen af. Als we
weer eens door een hek moeten, die dienen om de Schotse hooglanders binnen te
houden, staat een van die enorme beesten pontificaal voor het hek. Een ander gebruikt
het paaltje waar de wit-rode padaanduiding op staat als krabpaal. Het is mooi
fotomateriaal, maar toch ook wel een beetje onhandig. Burgerlijk ongehoorzaam
klimmen we heel even over een hek om veilig langs de beesten te komen.
Meer bos en heide volgt. Het
blijft mooi. Na een kilometer of 25 denken we stiekem al aan de finish. Maar
ach, denkt het pad, laat ik de wandelaars maar weer eens een attractie
voorschotelen. Dit keer geen ondergelopen paden, nee, nu krijgen we een soort
buckelpistepad voor onze kiezen. Op en neer gaan we, heuveltje op, heuveltje af
en niet voor een paar honderd meter, nee, deze hobbels mogen we een dikke
kilometer bedwingen.
Maarheeze komt in zicht. Hoewel,
het is niet echt Maarheeze waar de route eindigt. De finish van deze etappe
ligt weliswaar langs een doorgaande weg, maar ver verwijderd van bushaltes. Het
boekje geeft aan dat het nog een kilometer of 2 stappen is naar het station.
Uh, ja, dan moet je wel de juiste weg kiezen. Bovendien is het ook dan nog een
heel dikke 2 kilometer. Wij maken er bijna 4 van. Vandaar dat de teller op 31
staat als we bij de auto aankomen.
Het is maar een minuut of 10
rijden naar ons onderkomen voor vannacht. Bij B&B De Zwaantjes worden we
hartelijk welkom geheten. Voor we aan ons bankhangavondje toe zijn, nemen we eerst
een, erg fijne trouwens, douche. De rest van de avond brengen we door voor de
buis in de comfortabele B&B. Even bijtanken voor de, gelukkig minder lange,
etappe van morgen. Dat wordt onze laatste op het Pelgrimspad. Toch wel een
mijlpaal.
op naar de volgende etappe van het Pelgrimspad
terug naar onze vorige wandeling op het Pelgrimspad
terug naar de vorige officiële wandeling op het Pelgrimspad
start: met de auto naar Maaseik, bus naar Sittard, trein naar Weert en een bus naar Ell
etappe Pelgrimspad: deel 2 etappe 8
kilometers Pelgrimspad: 20,9
kilometers gestapt: 21,2
Het is al weer even geleden dat wij meer dagen achter elkaar aan de wandel waren. Hoewel we voor dit lange weekend beiden niet volledig fit waren, besloten we toch de geplande drie wandeldagen vol te maken. Zowel het OV als het weer stelden ons doorzettingsvermogen op de proef, maar we lieten ons niet kennen.
Vandaag sluiten we ons weekend af door Ell al wandelend met Maaseik te verbinden. Pas laat gaan we op pad. We willen nog even genieten van de gastvrijheid van BnB Maasvallei. Wat hebben we het weer getroffen met deze plek!
Naar Maaseik is het maar een kort stukje met de auto. Hier aangekomen, blijkt het nog een hele toer om een parkeerplek te vinden. Tenminste, de plekken zijn er wel, maar de maximale parkeertijd is of 2 of 3,5 uur. Een overdekte garage onder een soort van winkelcentrum biedt uitkomst. Na ruim een uur met bus, trein en bus, kunnen we even na 12.00 uur de GPS'en starten in Ell.
Met het verlaten van Ell, verlaten we ook de bossen. In plaats daarvan krijgen we lange plattelandswegen voor onze kiezen. Met uitzondering van wat honden en hun baasjes komen we niemand tegen. Zelfs de dorpjes die we passeren lijken uitgestorven. Grappend vragen we ons af of we niet een of ander dystopisch nieuwsbericht hebben gemist. Zelfs het toeristische
Het witte dorp Thorn zien we al van verre liggen. Steeds dichter naderen we de zelfs van verre pittoresk uitziende plaats. Maar zelfs dit normaal toeristische dorp is op deze maandagmorgen ongezellig stil. Het helpt ook niet dat er momenteel allerlei wegwerkzaamheden plaatsvinden in de met kinderkopjes beklede straten. Het restaurant van het Fletcher hotel draagt een steentje bij om de teleurstelling compleet te maken. We krijgen er verreweg de karigste nacho's ooit voorgezet.
Nog 10 kilometer telt de route naar Maaseik. Vrijwel direct buiten Thorn passeren we een grenspaal. We zijn in België. De regenjassen zijn inmiddels uit de rugzak gevist. Verscholen in capuchons stappen we door het Belgische land. Het is hier zowaar wat drukker. Dat komt voornamelijk omdat hordes scholieren per fiets op weg naar huis zijn. Gezellig groetend passeren ze ons. Een meisje vraagt waar we heengaan en hoe veel kilometer we al hebben gestapt. Wat een vrolijkheid. Minder vrolijk is het als even later mijn knie hard in aanraking met het asfalt komt. We stappen over een vrij smalle weg. Een auto nadert met flinke vaart in de verte. Om ruimte te maken neem ik een pas opzij de berm in, de modderige berg. Mijn voet glijdt weg en ik beland op de weg. Gelukkig is de auto nog op enige afstand. Snel sta ik weer op. Een kapotte knie en een wat pijnlijke pols zijn het resultaat. Goed afgelopen dus. En ach, die bloedvlek op mijn broek staat wel heroïsch, toch?
De Maasplassen zijn in trek bij bootliefhebbers. Niet dat er met dit weer veel gevaren wordt, maar we passeren een drukke jachthaven. Direct daarna slaan we rechtsaf om tegen de nu best gestaag vallende regen in, een stuk langs de Maas te stappen. Op naar Maaseik. Nog even dralen we bij de kerk van Aldeneik. Aan de verschillende soorten steen zien we dat deze kerk meerdere bouwstijlen heeft. Nazoeken levert op dat deze Sint=Annakerk een deels romaanse, deelse gotische kerk is uit de 12e tot 19e eeuw.
En dan zit het erop. Bij de brug, waar we gisteren de Maas overstaken, tringelen onze GPS'en. Het gat dat we op het Pelgrimspad hadden geslagen door eerst wat etappes in Zuid-Limburg te lopen is deels gedicht. "Slechts" het stuk tussen Middelbeers en Weert rest ons nog. Het leuke is dat die etappes al gepland zijn. Maar nu, eerst huiswaarts...
start: auto naar Dirkshorn, bus 411 naar Schagen, trein naar Alkmaar, bus 151 naar Schoorl
kilometers GFP: 16,1
kilometers gestapt: 18,8
totaal GFP: 29,8
Onze vorige afspraak met Femke om weer een stuk van het Groot-Frieslandpad te wandelen werd verzet in verband met verwachte plens. Die dag vulden we overigens fijn in met een bezoek aan Naturalis in Leiden. Wat een leuk museum! Gelukkig konden we al vrij snel weer een nieuwe wandelafspraak plannen. Daarom reden wij vanochtend met z'n tweetjes naar Dirkshorn. Hiervandaan nemen we dan bus 411 naar Schagen. Tenminste, dat is de bedoeling. Even is er schrik als we bij de bewuste bushalte alleen bus 157 aangegeven zien staan. Die rijdt wel naar Schagen, maar niet tijdens het weekend. Dus wat nu? René sprint naar een halte om de hoek. Hier staat, erg slecht overigens, aangegeven dat die halte tijdelijk is vervallen. Als even later buurtbusje 411 komt aangereden, slaken we toch wel een beetje een opgeluchte zucht. Met de trein van Schagen naar Alkmaar zijn er gelukkig geen rare fratsen. Op het station daar begroeten we Femke. Gezellig. Ons wandelgezelschap voor vandaag is compleet. Wel moet nog even een bus naar Schoorl worden genomen.
De eerste honderden meters tellen eigenlijk niet. Dat wil zeggen, we moeten zo'n 500 meter van de bushalte naar het finishpunt van vorige keer overbruggen. Omdat we verwachten niet veel horeca tegen te komen vandaag, nemen we ons startbakkie hier in Schoorl waar de keur aan koffietentjes groot is.
startselfie zonder boekje
Zodra de GPS'en onder aan Klimduin zijn aangedrukt, begint het grote genieten. Bij een eeuwenoud kerkje slaan we een achteraf gelegen laantje in. Wat een rust heerst hier! En wat een prachtige optrekjes staan er. Van het toerisme in het dorp is hier nauwelijks nog iets te merken.
Bij het oversteken van het Noordhollandsch Kanaal voelen we pas goed dat er een fris windje waait. Toch zorgt het zonnetje, zodra we weer enigszins in de luwte lopen, voor warmte. Gelukkig hoeven we in eerste instantie maar een kort stukje langs de drukke Westfriese Omringdijk. In plaats daarvan voerde de route ons over bungalowpark Het Geestmerambacht. Ik liep dit stuk trouwens al eerder tijdens een etappe van het streekpad Westfriese Omringdijk.
Even verderop, vlak voor Krabbendam, wie kent het niet, lopen we de dijk weer op. Twee schapen in een weiland merken ons op. In galop komen ze op ons af. In eerste instantie denken we nog dat ze even achter de oren gekrabbeld willen worden. Als we ze echter wat vers groen gras voeren, beseffen we dat ze alleen maar op eten uit zijn. Hun eigen landje is al flink kaal gegraasd. Het is lastig afscheid nemen. Helemaal omdat ze ons, gewoon binnen het hek uiteraard, achterna rennen. Tot ze bij hun hekgrens komen. Snel gooien we nog wat handen vol gras over het hek om dan onze route te vervolgen. In de verte zien we de toren van de ruïne van Nuwendoorn al fier prijken. Om hier te komen, mogen we via wat hekjes en een kudde schapen doorkruisend een stuk door een weiland stappen. Voor we in de geschiedenis stappen, lezen we het informatiebord. Het is een link naar een ander LAW waar we binnenkort mee starten, het Floris V-pad. Hij is namelijk de bouwer van deze dwangburcht. Die hebben we volledig voor onszelf. Bovenop de in staal gereconstrueerde woontoren hebben we een weids uitzicht over het platte landschap om ons heen.
Een volgende detour maken we in Eenigenburg naar een pittoresk uitziend kerkje. De knalgele narcissen ervoor en de staalblauwe lucht erboven zorgen voor een mooi plaatje. Op het pad kiezen tot twee keer toe vlak bij ons twee enorme hazen hun eigen pad.
Lange rechte wegen brengen ons in de buurt van Dirkshorn. Nog even mogen we een grasdijk op. Fijn, toch nog blubber onder onze voeten. Vlak voor we weer bij de auto zijn. Vlak voor het dorp krijgen we een hindernis voor onze kiezen. Enorme hopen aarde versperren de weg. Het is speuren hoe dit obstakel te nemen, maar even later lopen we dan toch echt Dirkshorn in. De vooraf vermelde 16,25 kilometer blijken er bijna 19 te zijn geworden als we de GPS bij de auto, die echt aan de route staat, weer uitzetten.
Het mooiste van dit verhaal...Femke is nog steeds enthousiast, dus een volgende stuk kan worden gepland.
op naar de volgende route op het Groot-Frieslandpad
Een half jaar geleden waren we voor het laatst met z'n viertjes op pad. We eindigden toen in Den Oever op het Noord-Hollandpad. Hoewel dat pad nog niet volledig is afgestapt, we hebben de twee etappes op Texel nog voor de boeg, starten we vandaag toch met een nieuw wandelavontuur, het Floris V pad. Helaas doen we dit zonder boekje, want dat is in herdruk.
Onze route, die uiteindelijk naar Bergen op Zoom zal leiden, start op de Dam. Dat is ook waar we hebben afgesproken. Om 10.00 uur beginnen we aan Lange Afstandspad nummer 1-3. Op naar Bergen op Zoom, nou nee, op naar Weesp voor vandaag.
Slingerend lopen we door Amsterdam richting de Amstel. Ondanks dat we hier redelijk bekend zijn, blijft dit leuk. Amsterdam is gewoon bijna een soort openlucht museum. Het is een beetje gewoonte geworden dat we, als we langs Puccini komen, we daar niet zomaar voorbij lopen. Met een mond vol heerlijke chocola lopen we niet veel later langs de Amstel. Op het water is het drukker dan op de wal. Even verderop horen we dat al deze roeiers meedoen aan de Heineken Roei Vierkamp. Het zorgt voor een kleurrijk uitzicht.
Kort verlaten we de route om aan onze koffiebehoefte te voldoen. Hierna verlaten we de rivier. Deze maakt plaats voor het water van de Weespertrekvaart. Links van ons eerst de huizen van de gezellig aandoende woonwijk Amsteldorp, verderop de groene velden van Sportpark Drieburg. Aan de overkant worden oude bedrijfsgebouwen vervangen door nieuwbouwprojecten. Tijdens onze Buiten de binnenstad van Amsterdam wandelingen liepen we hier, weliswaar in tegengestelde richting, al eerder. De kleurrijke schilderingen op de pijlers van het viaduct onder de A10 door zijn dus niet nieuw voor ons. Toch blijven we ook nu even staan om ze te bewonderen.
Amsterdam is achtergelaten, maar nog niet definitief, blijkt later. Diemen wordt doorkruist. Het Bijlmerpark biedt voor even een stuk groen. In een boom zien we een gezinnetje halsbandparkieten. Om de beurt bewaken pa en ma hun nest. Via de Veeneikbrug steken we de Weespertrekvaart over. Meer groen in het Diemerbos volgt aan de overkant. Zodra we de A9 onderdoor zijn gestoken is daar weer een stroompje, de Gaasp, dat de route volgt. Echt heel prettig is het niet lopen, want de weg is niet breed en auto's passeren met een flinke vaart akelig dicht langs ons. En...daar is een bord dat aangeeft dat we Amsterdam weer binnenlopen. Komen we dan nooit in Weesp?! Wordt Weesp ons Omsk?
Door het oversteken van de Weesperbrug over het Amsterdam Rijnkanaal blijven we nog net in de provincie Noord-Holland. Langs opnieuw een riviertje dat haar naam eer aandoet, Smal Weesp, komen we, nog een prachtige molen passerend, in de vestingplaats. Tijd voor ons etappedrankje vergezeld door een late lunch. Of is dat juist andersom? Gezellige straatjes leiden ons naar De Kruidenier, waar we precies vinden wat we zoeken.
De kop is eraf! Volgende keer wacht het Muiderslot, een van de bouwprojectjes van Floris V.